Van Biesweerd tot Boeshei - Toponiemen in Swalmen en Asselt | ||
A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X - Y - Z | ||
Haak, de |
Smabers 2 |
|
Zie: Graeter Haack. | ||
Haalstraat |
Smabers |
|
|
||
Haambroek | Smabers 1 | |
Het Hambroeck staat ingetekend op de figuratieve kaart behorend bij het register van keurmedige goederen in Maasniel van 1766. Op kaart 1 van landmeter Smabers (1774) staat het ongemeetene Haembroeck eveneens aangegeven. Aan de zuidzijde van het broek begin de Eppenbeek, die van daaruit naar de Swalm stroomt. Landmeter Dupont tekent in 1858 alle percelen in het Haembroek, met als perceel 3 de Konijnsberg. In de Oorspronkelijke Aanwijzende Tafel (OAT) behorend bij het kadastraal minuutplan D van 1843 wordt het gebied Hambroek genoemd. De betekenis van dit toponiem is onzeker. Net als bij het woord 'inham' moeten we denken aan een plaats waar land en water elkaar ontmoeten. Ooit was 'ham' een vrij algemene benaming voor een aan het water gelegen weiland, soms ook een met bijvoorbeeld wilgen begroeide weerd of aanwas (vgl. ook de Hambeek bij Roermond). Met een 'haam' werd vroeger ook een driehoekig, zakvormig visnet bedoeld, zodat hier wellicht ooit open viswater was, maar deze betekenis lijkt hier minder passend. |
||
Haambroekweg | Smabers | |
Deze weg loopt vanaf de ELMPTERWEG in noordelijke richting langs de westzijde van het Haambroek. De weg staat zonder naam aangegeven op kaart 1 van landmeter Smabers. | ||
Haarakker | ||
De Haeracker wordt enkel vermeld in een lijst uit 1395, tussen de Laeckberch en den Mortel. Een lokatie aan de noordzijde van Swalmen ligt daarmee het meest voor de hand. | ||
Haastert | Smabers 9/69 | |
De benaming Haestert wordt in 1774 door landmeter Smabers op kaart 9 gebruikt voor de percelen 69 tot en met 132, het gebied tussen MIDDELHOVEN, de Swalm en WIELER. Op het kadastraal minuutplan van 1843 wordt dit gebied aangegeven als Hasterd.
|
||
HAGELKRUIS | Smabers 12 | |
|
||
Hankakker | Smabers 8/62 | |
Smabers noteerde deze naam natuurlijk niet zonder reden. Reeds in de bosrol van 1585 lezen we: In de Oe ligt een stuk land genaamd de Hanckacker, met één korte zijde grenzend aan de Alde Mase en met de andere zijde aan het Vischerspat. Degene die dit stuk land heeft, zal misdadigers naar het gerecht brengen "unnd alle die gereitschafft die dairtoe gehoirt". In ruil hiervoor zou hij een gedeelte van de Swalmer gemeinte mogen gebruiken. |
||
Häöfke, 't | Smabers 9/147 | |
In de tweede helft van de 19e eeuw werd de boerderij gepacht door Wilhelmus Hubertus Hendrickx en Angelina Hubertina Beurskens. In 1888 haalde 't Hofje de pers nadat een van de zeugen van pachter Hendrickx liefst 21 levende biggen wierp. Een andere geschreven vermelding van deze bijnaam dateert uit 1899, overigens met een zetduiveltje: 't Kôfke. De boerderij werd toen nog steeds bewoond door W.H. Hendrickx. Net als zijn buurman, Smeets van de Wielderhof, bood hij 'karotten' te koop aan. Blijkens een advertentie uit 1904 teelde Hendrickx vijf jaar later nog steeds 'karotten'. In 1911 brak mond- en klauwzeer uit bij Hendrickx op 't Höfke. |
||
HÄÖFKES, IN DE | Smabers | |
Landmeter Smabers tekende in 1774 langs de BOUTESTRAAT vier kleine perceeltjes, "te cleyn wesende om het geheele getall daarop te stellen". Daarom noteerde hij bij de percelen 255 t/m 258 alleen het laatste cijfer. Vastgesteld bij raadsbesluit van 31 oktober 1974. |
||
HAWINKEL | Smabers 10 | |
|
||
Hawinkelsbroek | ||
Tot de erfgoederen nagelaten door wijlen Christoffel baron de Schenck van Nijdeggen behoorde in 1680 een erf genaamd Hawinckels Broeck. | ||
Heerbaan | ||
In 1733 verkocht Arnoldus Naus land aan de Herbaene of Heerwegh. Vermoedelijk wordt hier het noordelijke gedeelte van de Rijksweg bedoeld. | ||
Heier kerkpad | Smabers 12 | |
In 1715 verkochten Godefridus van Thoor, Clara Boels, Gertrudis van Thoor en Agnes Boels akkerland op de Cruijscamp gelegen naast het Heijer Kerckpaet. In 1717 is opnieuw sprake van het land aen den Heijer kerkpadt. Gezien de ligging van de Hei en de kerk ligt de OUDEWEG het meest voor de hand. | ||
Heier koestraat | ||
In april 1905 vond de openbare verkoop plaats van hakhout (B 1426 en 1427) aan de Heijerkoestraat. | ||
Heier Kuilen | ||
Tijdens het voogdgeding van 1772 klaagden Joannes Jansen op de Heyde en andere geïnteresseerden en naburen dat het water in het broekje genaamd de Heyer Coulen voortdurend bleef staan, waardoor veel schade geschiedde en dat de watergraaf niet was geveegd en geheel met hout bewassen langs de hof van Manus Jansen. | ||
HEIDE | Smabers | |
Toen de oudste kadasterkaarten officieel in gebruik werden genomen (1843) telde de buurtschap bijna dertig woningen (zie kaart). |
||
HEIJNENSTRAAT, BURGEMEESTER | Smabers | |
De BURGEMEESTER HEIJNENSTRAAT is, vanaf de KROPPESTRAAT gezien, de eerste zijstraat van de ZANDKUIL. | ||
HEIKAMP | ||
1. | Smabers 17/15 | |
Landmeter Smabers (1774) geeft de Heij Camp op kaart 17 aan voor de percelen 15 tot en met 387, het gebied grofweg begrensd door RIETERWEG, de soo genoemde Keijsers baene, GRAETERHOFWEG en RIET, met uitzondering van het gedeelte direct gelegen langs de Keizersbaan. |
||
2. | Smabers 12/175 | |
![]() |
||
Heiligenhuisje, aan het | ||
Rond 1700 liet Rutgerus Janssens, pastoor in Asselt, de markies de Schenck, geërfden, borgemeester en regeerders weten, dat zijn pastorie verstoken was van een moesgaarde, waardoor hij veel ongemak ondervond. Hij was derhalve genoodzaakt geweest om een moesgaarde te huren. Nu was vlakbij de voornoemde pastorie een braakliggend terrein, genaamd Aen het Heijligen Huijsken, eigendom van de gemeente van Asselt en zeer geschikt om te worden veranderd in een moesgaarde voor de pastoor. Deze vroeg dan ook toestemming om deze plaats hiervoor te mogen gebruiken, te meer daar niemand hiervan hinder of schade ondervond. | ||
HEISTRAAT | Smabers | |
De naburen van de Cropperstraet klaagden in 1686 dat zij een voetpad hadden over de Heijstraet langs het huis van Peter op den Bergh naar het Lichte Velt, afgaande naar de Riet, van welk pad hun de doorgang werd geweigerd. Deze klacht werd in 1696 herhaald. | ||
HENDRICKXSTRAAT, BURGEMEESTER | ||
De BURGEMEESTER HENDRICKXSTRAAT is, vanaf de KROPPESTRAAT gezien, de vierde zijstraat van de ZANDKUIL. | ||
HENDRIKSTRAAT, PRINS | ||
Prins Hendrik bracht op 7 november 1919 een bezoek aan de familie Wolff Metternich op kasteel Hillenraad. | ||
Heufke, 't | ||
In april 1907 vond de openbare verkoop plaats van o.a. een tuin genaamd het Heufke, sectie E 308. | ||
Heukske, 't | Smabers 9 | |
Op de plaats waar nu de enige boerderij langs deze zandweg ligt, lag in 1774 de woning van Joannes Albers (smabers-9/12), in 1765 gehuwd met Anna Hermans. Het achterste gedeelte van de huidige woning heeft in de achtergevel nog vlechtingen. |
||
HEYDWEG | Smabers 12 | |
|
||
Heysterbat | Smabers 7/1 | |
De naburen van Asselt klaagden in 1669 dat de weg die van Asselt naar de Meulenwegh liep te nauw was. Ze verzochten de gemeente om maatregelen te nemen en het verboden zou worden dat nog nog iemand schapen zou drijven over dat mestweggetje dat van den Heisters badt naer de O ging. In 1691 verklaarden de scholtis, een schepen en twee gezworenen, dat zij zich op verzoek van de heer hadden vervoegd ten huize van Jan Janssen, 'den welcken gisteren avont omtrent acht uhren in de Maese onder de waeterganck aen Heijster Bat, tot Assell gevonden heeft een kleyn doot kint, hetwelck hij heeft gebrocht ten sijnen huyse alwaer wij onderss. hetselve hebben besichticht ende gevisiteert, hebben het selve bevonden het cranium [schedel] cruytswegh open, ende soo daenich gedisponeert, gelick wij mijnen, dat het selve ter stont naer de geboorte is ter doodt gebrocht, sijnde een joncxken.' De Waterganck wordt in 1774 weergegeven op kaart 7 van landmeter Smabers. Perceel 1 was toen nog steeds eigendom van voogd Heijster. Het batten of leggen van kribben in de Maas was vaak noodzakelijk om afspoeling tegen te gaan. |
||
Hillenraad | Smabers 17/4 | |
Kasteel Hillenraad wordt voor het eerst genoemd op 28 juni 1380, toen twee mannen beloofden dat zij op het huis Hellenrade, eigendom van ridder Didderic van Oest, in leisting (borgtocht) zouden gaan. In 1392 sloot Dirk van Oest een verbond met de stad Keulen. Daarin verplichtte zich om, indien de stad in oorlog zou komen met aartshertog Frederik, de stad met alle middelen te helpen en zijn huis Hellenroide open te stellen ten behoeve van de stad.
De landerijen van Hillenraad omvatten tegenwoordig ongeveer 175 hectare. Wiel Luys: Nogmaals een oude toren van kasteel Hillenraad. In: Jaarboek Maas- en Swalmdal 11 (1991).
|
||
Hillenrader Bossen | Smabers | |
De Hillenrader Bossen liggen ten oosten van het kasteel en worden vooral gevormd door de Riet, het Lothariusbos en de Damianuskamp, ook wel Bisschopskamp genoemd. |
||
HILLENRADERKAMP | Smabers | |
Op het kadastraal minuutplan van 1843 (sectie C1) staat de Hillenraderkamp aangegeven tussen de Meestersweg en de Heydstraat. | ||
HILLENRAEDERLAAN | Smabers | |
Smeedijzeren muurankers geven vaak niet alleen een bouwjaar aan, maar laten ook mooi het vakmanschap zien van de smid die ze ooit vervaardigde.
|
||
Hillenraederweg | Smabers | |
In 1725 verpandden Seger Verheggen en Catharina Krijnen akkerland in het Swaer Velt op de Hillenraderwegh gelegen tussen de Meulenwegh, de paters kartuizers, de gewezen kapitein Buggenum en land van het gasthuis. Op kaart 3 van landmeter Smabers (1774) staat de weg aangegeven als wech naer Hillenraedt. Ook op het plan van buurtwegen wordt de weg aangegeven. Deze nooit verharde weg liep van kasteel Hillenraad naar Broekhin, waar de situatie door aanleg van de Sint Wirosingel en het bedrijventerrein onherkenbaar veranderd is. In 2006 werd de weg aan het verkeer onttrokken. |
||
Hoefijzer, het | Smabers 11 | |
De naam voor dit pand werd mogelijk ooit gegeven door een smid. De vroegst bekende eigenaren waren de smid Gerard Wijnen (1664-1703) en Anna Florac, beiden gehuwd vóór 1689. Gerard's vader Peter Wijnen, in de hoofdschat van 1654 aangeslagen onder de Hoogstraat, wordt in 1689 nog genoemd als eigenaar van een huis aan de Hooghstraete. Gerard Wijnen overleed in november 1703, waarop Anna Florack in juni 1705 hertrouwde met de gezworene Jacob Mevissen, voor wie dit zijn derde huwelijk was. Petronella Wijnen (geb. 1695), dochter van Gerard en Anna, trouwde in april 1713 met Tilmanus Mevissen, in 1687 geboren als zoon van Jacob Mevissen, pachter van de Beeckerhof, en Cornelia Dorssers. Petronella overleed al in juli 1714, enkele weken na de geboorte van haar eerste kind, dat naar zijn grootvader Gerardus werd vernoemd. Tilmanus Mevissen hertrouwde in 1716 met Catharina Grommen uit Kessel, met wie hij enkele jaren de Baxhof pachtte. Op 1 april 1721 verkochten de voogden van de minderjarige zoon van Tilman Meeuwissen en wijlen Petronella Wijnen, en Enken Florack, weduwe van de schepen Gerard Wijnen, bijgestaan door haar schoonzoon Tilman Meeuwissen voornoemd, het huis met bijbehorende moeshof, groot ongeveer 1 vierdel morgen plaats, genaamd het Hooftijser, binnen het dorp op de Hooghstraet gelegen tussen Gerard Bongaerts en Jacob Bongaerts, belast met jaarlijks ½ greve ten behoeve van de Gereserveerde Domeinen en met 1 kan olie aan de kerk aldaar, voor een bedrag van 200 gulden aan de gezworene Jan Cuijpers en Gertruijd Daemen. Anna Florack maakte in mei 1723 haar testament op en overleed enkele dagen later. De inventaris die twee maanden later werd opgemaakt van de inboedel geeft een interessant beeld van een Swalmer huishouden. Terug echter naar het Hoefijzer en zijn nieuwe eigenaren. Jan Cuijpers, gezworene, was in 1716 in tweede huwelijk getrouwd met Gertrudis Daemen; dit huwelijk bleef kinderloos. In zijn testament van juli 1723 legateerde Jan het huis met moeshof, inclusief 'timmer ende verbeteringhe' die na datum van aankoop daaraan waren gedaan, aan zijn vrouw. Jan overleed in juni 1733 en in november van datzelfde jaar hertrouwde zijn weduwe met Paulus Gerets uit Belfeld. Ook uit dit slechts kortstondinge huwelijk werden geen kinderen geboren. Op 29 januari 1735 maakte Gertruij Damen, echtgenote van Paulus Gerits, haar testament op waarbij zij een bedrag van 40 pattacons gevestigd 'op het huys genoemt t'Hoeffijser gelegen op de Hooghstraet binnen de heerlijkheydt Swalmen' naliet aan haar man. Gertruij overleed kort nadat zij haar laatste wil had uitgesproken. Paulus Gerets hertrouwde in augustus 1735 met Maria op den Camp; samen kochten ze in december 1741 een huis op de Hoogstraat. De weduwe van Paulus Geraedts was in 1774 eigenaresse van het huis Smabers 11/89. |
||
Hoefslag, de | ||
Tijdens het voogdgeding van 1588 verklaarde Zill Kromvoets als oudste schepen 'dat geine freyheyt van hoeffslach en sij inn diesen gerichte, dan dat Hoppenrae, dat Gewijt unnd der Beijswert, behalven het geene dat beweyslich vrij gegolden ist'. Uit deze opmerking blijkt dat op het einde van de 16e eeuw slechts drie gebieden waren vrijgesteld van hoefslag, namelijk Hoppenrade, het Gewit en de Biesweerd. | ||
Hoek | ||
In 1728 verkochten Peter Coenen en Jenneken Peters akkerland aan de Houck gelegen op de Boukoul. Mogelijk wordt de Graeter Haeck bedoeld. | ||
HOENDERBERG | Smabers 17 | |
|
||
HOENSBROEKSTRAAT, VAN | ||
|
||
Hoeverbroek | ||
In 1715 verpandden Jan Smeets en Maria Heijnen land aan het Hoeverbroeck gelegen. In 1725 verkochten Willem Crompvoets en Barbara Nijssen land aan het Hoverbroeck gelegen. | ||
HOFAKKER | Smabers 9 | |
In 1588 wordt de Hoefacker of Hofacker al genoemd. De scholtis en Jan Beeck klaagden in 1668 dat een algemeen gebruikte voerweg werd gemaakt van het voetpad door de Hoffacker en dat de pachter van de Noenhoff de greppels en 'stappen' niet behoorlijk opmaakte. In 1727 verpandden Christina Bongaerts, weduwe van Jan Cuijpers, en haar schoonzoon Joannes Sillen land in de Hoeffacker gelegen. In 1735 klaagde Jan Daemen dat het voetpad in de Hofacker dood liep en niet werd onderhouden. Op kaart 9 van landmeter Smabers gebruikt hij de benaming Hoffacker voor de percelen 2 tot en met 68. Dit is vrijwel het gehele gebied begrens door Swalm, BOUTESTRAAT en MIDDELHOVEN. Bij raadsbesluit van … werd de naam vastgesteld voor het gedeelte van STATIONSSTRAAT ten zuiden van de BOUTESTRAAT. Aangezien het grootste gedeelte van de eigenlijke Hofacker aan de andere zijde van de snelweg en spoorlijn liggen, wordt nu de indruk gewekt dat de Hofacker oostelijk van de snelweg lag. |
||
Hoge Hegge | Smabers | |
Op kaart 4 van landmeter Smabers (1774) staat de Hoogh Hegge aangegeven voor een perceel bij de steilrand langs de Vuilbemden. De percelen, dan onderdeel van de Sijperhoff, zijn er allemaal eigendom van kasteel Hillenraad. Benaming Hooghei voor perceel 95 en 96 van sectie E, volgens de Oorspronkelijk Aanwijzende Tafel (OAT) behorend bij het kadastraal minuutplan van 1843. Wiel Luys: De Wolfsgraaf: een Middeleeuwse landweer in Beesel-Swalmen. In: Jaarboek Maas- en Swalmdal 3 (1983). |
||
Hoge Rug | Smabers 10 en 11 | |
In 1708 verpandden Jan Cuijpers en Stincken Bongarts akkerland aan de Hoogkruck gelegen. In 1713 verkochten Cornelis Alberts en Gertruijd Swaecken uit Venlo land op de Hoorugh gelegen. In 1727 verpandden Christina Bongaerts, weduwe van Jan Cuijpers, en haar schoonzoon Joannes Sillen land aan gen Horrick gelegen. Op kaart 10 tekent landmeter Smabers in 1774 op de Heide de Hoogh rugh ofte Laeck Bergh. Op het kadastraal minuutplan van 1843 staat Horissenveld. Zie ook: Horrixweg. |
||
Hoge Weerd | Smabers | |
In het voogdgeding van 1588 lezen we: "Vonn den gemeynen wegen ist gewroecht unnd gecleert in den irsten tot Swalmen opten Hoigen Werdt der wech der oever den Hoigen Wech geit biss ahn die Mase of Leijnpatt der sall so breidt sein, dat ein man sittende op einen perde, hebbende aen ieder side ein perdt neffens gaende hin reiden kan, van danne langs den Bieswertt, neffens Heistersdries bis op gen Steine." | ||
Holakker | Smabers | |
Benaming Holakker voor perceel 281 van sectie A, volgens de Oorspronkelijk Aanwijzende Tafel (OAT) behorend bij het kadastraal minuutplan van 1843. In 1875 verkocht Johannes Conrardus Hawinkels bouwland in de Holakker te Swalmen gelegen aan Antoon Heijnen te Roermond. | ||
HOLLESTRAAT | Smabers | |
Zie ook: Parallelweg. | ||
Hondsfalder | Smabers 4-5 | |
|
||
Hondsmorgen, de | ||
In 1679 pachtte Hendrick Beeck de Swamenhoff (Wieler 1) inclusief land op de Hondts Morgen. | ||
HOOF, DE | Smabers | |
Boukoul | ||
HOOGSTRAAT | Smabers 11 | |
In het voogdgeding van 1588 is sprake van "einen gemeinen wech aengaende bij Heinrich Maess off Reutzen goudt oever die Hoichstraet, neffen Philips Beurskens gout, dorch die Santstraet bis in gen heyde." |
||
Hooibemd | Smabers | |
Tijdens een openbare verkoop in 1728 werd ook land in de Hoijebendt of Hoeijebendt verkocht. In 1742 kocht Hendrick Hendricx hooigewas in de Hoeijbemden gelegen tussen Daniel Hendrickx en de heer van Wassenbergh, zijnde hoefslaf ('hoofslagh'). Benaming Hooibemden voor een gebied tegen het Gewit achter de Vuilbemden in sectie E van de Oorspronkelijk Aanwijzende Tafel (OAT) behorend bij het kadastraal minuutplan van 1843. |
||
Hoosterbrug | Smabers 7 | |
Ook in 1774 liep al een zandweg vanaf de Weerd naar de Hoosterhof, op Beesels grondgebied gelegen. Op kaart 7 geeft landmeter Smabers de Hoestersbrug aan, die nodig is om de Swalm over te steken. |
||
Hoosterhof | Beesel > | |
![]() |
||
Hoppenrade | Smabers 17/9 | |
|
||
HOPPENRADERWEG | Smabers | |
Deze weg maakt in 1774 deel uit van de Heijcamp. Landmeter Smabers tekent Hoppenraedt in als perceel 9 op kaart 17. Dit perceel ligt pal achter de tuinen van kasteel Hillenraad, tussen RIET en de Eppenbeek. | ||
Horrixveld | Smabers | |
Benaming Horrissenveld in sectie A, volgens de Oorspronkelijke Aanwijzende Tafel (OAT) behorend bij het kadastraal minuutplan van 1843. Het veld ligt tussen BEESELSEWEG, de gedeeltelijk verdwenen Horrixweg en HOLLESTRAAT. | ||
Horrixweg | Smabers 10 | |
In 1720 werd akkerland naast de Horruchswegh gelegen verpand. Arnold Naus verkocht in 1723 land aan de Horricxwegh, in 1736 vermeld als Horrighwegh. Smabers gaf de weg aan tussen de HOLLESTRAAT en de BEESELSEWEG. Zie ook: Hoge Rug. |
||
Horst, de | ||
Een horst is een algemene benaming voor een hogergelegen gebied. | ||
1. | Smabers 10 | |
In 1693 droeg Mettien Lenarts, weduwe van scholtis Albert Meuter, broekland aan de Baecxhoef gelegen tussen de Horst en Dammenbroeck, met de korte zijden grenzend aan het Baecxhoever Broeck en het openbaar Schoolbroeck, over aan Gijs Raemeeckers en Lijsbet Janssen, weduwe van Hermen Raemeeckers, in ruil voor kwijtschelding van de vordering die Gies en Lijsbet Janssen hadden te haren laste. |
||
2. | Smabers 2/61 | |
In 1701 verpandde Stoffer Gerardts land op de Horst gelegen tussen de Kapittelheren en Rabet Obers, met de korte zijden grenzend aan de Leijgraef en de Haeck van voornoemde Kapittelheren Op kaart 2 van landmeter Smabers (1774) wordt de benaming de Horst gebruikt voor de 61 tot en met 86, het gebied begrensd door de Haak en Leijgraeff enerzijds en RAAYERVELDWEG en RAAYSTRAAT anderzijds. |
||
Horstbrug | Smabers 2 | |
In 1697 klaagden de naburen van de Bouckoul dat langs het goed van Ruth in den Bonten Os een openbaar voetpad liep recht naar de Leijgraef aan de Horstbrugge. Dit bruggetje was echter verdwenen en kapitein Everard, de eigenaar van de Spick, belette het verstel, waardoor ook de doorgang van de tiendkarren werd verhinderd. De naburen werden daarop gelast om de Horstbrugge zelf te leggen en te onderhouden, terwijl de kapitein werd opgedragen dat hij dit voetpad ook moest toestaan. |
||
Hortengat | Smabers 9 | |
In 1706 verpandden Christiaen Bongarts en Maria Reijners land in het Wijlerveld aan het Hortegat gelegen. In 1716 verpandden Willem Raemaeckers en Helena Theunissen land in het Wijlerveldt aan het Hoortegat gelegen. | ||
Hospitaalshout | Smabers | |
Een krantenbericht in de Maas- en Roerbode van 9 november 1899 wijst de lezers erop dat het streng verboden was om hout af te snijden, te sprokkelen of te beschadigen in het Hospitaalshout in de Vuile Bemden onder Maasniel en Swalmen. Het land was op dat moment eigendom van het R.K Godshuis in Roermond. | ||
Hostieland | Smabers 11/42 | |
![]() |
||
Houbenbemdje | Smabers 8 | |
In 1669 klaagde Jan Smeedtz over enkelen die bemden hadden die grensden aan Huijben Beentien. Bij een daarop volgende schouwing bleken Neles Jansen ende Meyry Silkers in gebreke te blijven wegens een greppel aan Hueben beentien. In 1730 verpandden Peter Noppen en Mettien Smeets land op de Weert gelegen, genaamd Hoube Baentie. |
||
HOUT, DE | Smabers | |
Langs de Swalm, op een steenworp afstand van de oude oversteekplaats van de Romeinse weg Heerlen-Xanten, ligt de Houterhof. De geschiedenis van de Hout begint al vroeg. In een Swalmer belastinglijst uit 1369 vinden we immers al een joncheran den Houte aangeslagen voor de maximale acht pond. Jonker is weliswaar niet de hoogste titel bij landadel, maar toch, kennelijk een eigenaar met enig aanzien. De jonker zal wel een andere achternaam hebben gehad, maar die kennen we niet. Achteraan in dezelfde lijst zien we ook nog een Noude van geen Houte, vermoedelijk de pachter, die twee pond moet betalen. Een lijst van tiendplichtige landerijen uit 1395 vermeldt Gyselbrecht van ghen Holt, echter zonder dat duidelijk is om wie het hier gaat. De eerste eigenaar die we kennen met naam is Mathijs van Schelbergen uit Venlo. Deze familie voerde als wapen zeven hermelijnstaarten. Ook de familie Van Broekhuizen, die zich op het eind van de 13e eeuw Van Swalmen ging noemen en vermoedelijk de Naborch liet bouwen, voerde een wapen met hermelijnstaarten. Toeval? Misschien zullen we het ooit weten. Inderdaad, de Hout werd gedeeld, zoals zo vaak bij oude huizen en boerderijen het geval is. Dat maakt niet alleen het onderzoek naar de geschiedenis een stuk lastiger, maar ook voor u als lezer is het veel moeilijker te volgen. Want hoe zit het dan met die andere delen? Eén ander puzzelstuk is inmiddels gevonden. In datzelfde jaar 1563, twee maanden voordat de erven Van Schelbergen hun ruzie bijlegden, werden Philips Baum of Boom uit Venlo en zijn vrouw Elisabeth genoemd in verband met een hoeve te Swalmen. Helaas is de achternaam van deze vrouw niet bekend; die zou weer een belangrijke aanwijzing kunnen zijn voor verder onderzoek. Ook de boerderij wordt niet met naam genoemd. Het volgende puzzelstukje dateert uit 1600 en sluit daar mooi bij aan. 'Copeij des hoffs ten Holtt zu Schwalmen', zo staat op de omslag van het archiefstuk. Dat is interessant, want wat staat daar nou weer in? In december van dat jaar werden Carcelis Wolff en zijn vrouw Wilhelmina Mittelmans door de heer van Elmpt beleend met de Houterhof. De Hout leengoed van Elmpt? Dat is nieuw. Wilhelmina blijkt de weduwe te zijn van Philips Baum. Dat zal dus uit een tweede huwelijk zijn. Zij werd beleend met het ¼ deel dat ze samen met haar eerste man had gekocht. Van wie? Dat weten we niet zeker, maar van de familie Van Schelbergen horen we later niets meer. Christophora Pauwelsen, enige dochter van wijlen Christoffel Pauwelsen uit Roermond en Windelina Baum, werd in 1600 eveneens beleend, als enige en onbetwiste erfgename. Het wordt nog ingewikkelerd, dus u kunt nog afhaken. Voor de echte onderzoeker wordt het alleen maar spannender. In 1618 verkochten Johan Sontag, voogd van het ambt Heinsberch, en zijn vrouw Agneesen Wolff hun gedeelte van de hof Tgen Holte, 'wie der selb zu Schwalmen in niederen und hohen, nassen und dreugen, mit einer seitt an die heid, mitt der ander an die Schwalmen schiessend gelegen', aan Frantz van Lijn en Christoffer, ook echtelieden. Mogelijk had Agnes dit deel geërfd van Carcelis. De stukken verklappen echter nog niet alles. Nieuwe eigenaren werden dus Frans van Lin en zijn vrouw Christoffer. Christoffer, dàt is een vreemde meisjesnaam! Maar die kenden we al: het is weeskind Christophora Pauwelsen. Zij was rond 1607 getrouwd en een jaar later werd hun zoon Theodorus (Dirck) geboren. Later volgden o.a. Windelina en Christoffel. Zoon Dirck van Lin trouwde rond 1635 met Elisabeth Spee en samen kregen ze een dochter Aldegonda. Keren we terug naar de boerderij en haar eigenaren. Aldegonda, de dochter van Dirck, trouwde rond 1665 met Bernardus Chanoine. In 1684 stelde een zekere Petrus Reinerus van Lin nog zijn 1/3 deel van de Holterenhoff als borg voor de rentmeester van het ambt Montfort; deze borgstelling werd vijf jaar later weer beëindigd. Dit zal het erfdeel van Stoffer zijn, dat weer plotseling opduikt. Daarna horen we echter niets meer van de familie Van Lin. Bernard Chanoine, raadsverwant in Roermond, hertrouwde na het overlijden van Aldegonda van Lin in 1682 met Catharina Spee. Cassianus Chanoin, oudste zoon uit het eerste huwelijk van Bernard, was de volgende eigenaar van De Hout, terwijl zijn broer Dirck in 1702 trouwde met Maria Rosa Boshuijsen. Zij was een kleindochter van Windel van Lin, die in 1643 ook meedeed aan de verdeling van de Houterhof. Voor het huwelijk werd geen dispensatie wegens bloedverwantschap aangevraagd, maar dat had misschien eigenlijk wel gemoeten. En ja, klopt, ik had inderdaad beloofd dat we van die Windel niets meer zouden horen, maar met genealogie en verwantschappen had ik zo'n belofte ook gewoon niet moeten doen. Veel te onberekenbaar. Het bloed kruipt toch waar het niet gaan kan…
Bouwhoeve De Houd, bestaande uit bouwmanswoning met schuur, stallingen, tuin en moesgaard werd in november 1906 openbaar verkocht. Een maand later werd de pacht van hoeve De Hout aangeboden door A. Dupont uit Roermond. In 2014 werd begonnen met een verbouwing van de gebouwen. andere boerderijen aan de Hout Tegenwoordig ligt hoeve de Hout vrij geïsoleerd. In de 16e eeuw lagen tgen Holt echter nog meer boerderijen. Zo betaalde Joost van Gangelt rond 1580 als een eigenaar van sijnen hoeffe tgen Holt, die eerder eigendom was van Kurst Ruitzen, jaarlijk een kwart kan wijn aan de kerk van Swalmen. |
||
Houterbrug | ||
1. | Smabers 13-15-16 | |
|
||
2. | Smabers | |
Op een kaart van de bezittingen van de Beeckerhof uit 1835 door landmeter Lecluyse staan twee percelen aan het houte brugsken aangegeven. Op het kadastraal minuutplan van 1843 staat het toponym aan het holteren brugsken aangegeven langs de OUDE BAAN, enkele tientallen meters ten noorden van het punt waar de RAAYERLUYCKWEG nu de RIJKSWEG kruist. | ||
Houtersteeg | Smabers 13 | |
Tijdens opgravingen in 1916 werden vlak bij de Houtersteeg, op een stuk land eigendom van houthandelaar Petrus Jacobus Geraedts resten gevonden van een Frankisch grafveld (vermoedelijk 6e of 7e eeuw), een laat-Romeinse of vroeg-middeleeuwse hutkom (vermoedelijk rond 400 na Chr.). Bij een tweede opgraving in 1981 werd bovendien een afvalkuil aangetroffen die vermoedelijk dateert uit Vroege Middeleeuwen (5e of 6e eeuw). Efraim Milikowski: Sporen van vroeg-middeleeuwse bewoning in Swalmen. In: Jaarboek Maas- en swalmdal 2 (1982). |
||
Houterstraatje | Smabers 13 en 15 | |
![]() |
||
HOUTERVELD | Smabers 15 | |
In het voogdgeding van 1588 lezen we: "Van wegen der gemeyner foetpede ist erkleirt dat ein gemeyn foetpat ist, der aengeit an der Schatzkoulen nae der Deuffelseicken nae gen Houterfeldt, vann danne in die Sandtstraete uitter Sandtstraete opt Voerfelt dorch dat Venlonischer straetgen achter Peeter Smeetz goudt op ten Mortel, van den Mortel durch den Hoeffacker neffens Bouten goudt op die oliehsmeulen, van der oliehsmullen langhs den Nouwenhof oever den Aldenhoever patt op Boekesstap unnd van danne in gen Mase".
In een perceel ruig grasland tussen De Hout en het zwembad trof ik in 2014 op enkele stukjes paardenmest een zeldzame paddenstoel aan: de Grote speldenprikzwam. |
||
A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X - Y - Z | ||
© Loe Giesen, Reuver 1983-2017 |